Home
Welkom op de website van Munthandel G. Henzen. Via de navigatiebalk wordt u op eenvoudige wijze door onze website heengeleid. Als u op foto’s klikt verschijnt een uitvergroting. Bevalt een munt u, dan kunt u het bestellen door op ′Bestellen′ te klikken. De gewenste munt of munten worden verzameld op een bestelformulier. Is uw bestelling compleet, dan kunt u deze eenvoudig naar ons e-mailen. U krijgt dan van ons per e-mail een bevestiging toegezonden in de vorm van een factuur. Het bestelde wordt na ontvangst van betaling toegezonden.
Uiteraard is het ook mogelijk om ons, op afspraak, te bezoeken. U kunt dan hetgeen waarin u geïnteresseerd bent op ons kantoor bekijken.
Voor onze trouwe klanten geven we ook regelmatig rijk geïllustreerde prijslijsten uit met speciale aanbiedingen. Bij uw bestelling kunt u aangeven of u deze prijslijsten wilt ontvangen.
Wij wensen u veel plezier bij het bekijken van onze website en wij hopen dat er iets van uw gading bij zal zitten.
Gijs Henzen
Actualiteiten en historische feiten die wij graag onder de aandacht brengen:
Bij de huidige situatie in Iran moet ik soms denken aan Kroissos. Hij had zijn koninkrijk Lydië flink weten uit te breiden en belangrijke Griekse steden aan de westkust van Klein-Azië onder zijn beheer weten te brengen. Zijn rijkdom nam mythische vormen aan. Thans kwam het idee bij hem op om zijn Rijk ook naar het oosten uit te breiden, waar de Perzen heersten. Eerst maar eens advies vragen zal zijn redenering geweest zijn, en hij ging te rade in Delphi, waar hij aan het Orakel vroeg of hij ten strijde moest gaan trekken tegen Cyrus II van Perzië. Het Orakel gaf het beroemde, dubbelzinnige antwoord dat als hij de rivier de Halys zou oversteken, hij "een groot rijk zou vernietigen". Dat stelde Kroisos, die enige overmoedigheid niet ontzegd kon worden, gerust. Hij bracht een groot leger bijeen en trok naar het oosten. De eerste confrontatie met de Perzen vond plaats in Cappadocië, tijdens de Slag bij Pteria (547 v.Chr.) en eindigde vooralsnog onbeslist. Maar het ging niet goed met het leger van Kroisos. Cyrus achtervolgde Kroisos naar Lydië en bracht hem een verpletterende nederlaag toe op de vlakte ten noorden van Sardis in de Slag bij Thymbra (december 547 v.Chr.). Maar de ellende voor Kroisos werd nog groter. Na een beleg van veertien dagen werd de hoofdstad van het Lydische Rijk, Sardis, ingenomen en werd Kroisos gevangen genomen. Volgens de overlevering (onder andere van Herodotus) werd Kroisos op een brandstapel geplaatst, maar uiteindelijk gespaard door Cyrus. Een grootmoedig gebaar. Het Rijk dat werd vernietigd was zijn eigen Rijk, en niet, zoals hij in zijn hoogmoed het Orakel had begrepen, het Perzische Rijk......
Vertaald naar het heden kunnen we stellen dat Trump, ook "enigszins" overmoedig en bepaald niet de slimste, zich heeft laten adviseren door valse profeten en oorlogshitsers als Bibi Netanyahu en Pete Hegseth, waarbij zij Trump een snelle en zegenrijke overwinning op Iran (de Perzen) voorspiegelden. Niets bleek minder waar. Zijn aanval op Iran werd een groot debacle. Voor de VS is het de zoveelste militaire en politieke afgang en nederlaag waarbij geen enkel andere land hem steunt of te hulp schiet, behalve natuurlijk de terreurstaat Israël dat volledig op de been wordt gehouden door de VS. De VS is een supermacht in verval en het huidige politieke en militaire beleid kan gezien worden als een katalysator in die ontwikkeling. Israël heeft zich inmiddels ontwikkeld tot een paria, waar de wereld, ook de VS en Europa, uiteindelijk hun handen vanaf zullen trekken. Diens gruwelijke misdaden zijn niet meer te verdedigen of goed te praten. De ondergang van Israël is een kwestie van tijd.....
Iran is een van de grote pijlers van de Islam en het Islamitische regime komt dan ook niet uit de lucht vallen. Het is zeker geen westerse staat, maar dat speelt niet in haar nadeel. Het land heeft een culturele rijkdom en beschaving en roemrijke geschiedenis, waarbij die van de VS totaal verbleekt. Dat Europa en de VS er weer een vazalkoning (shah) kunnen installeren die volledig naar hun pijpen zullen dansen en een westerse politiek zal voeren is een utopische gedachte. Dat is MI6 en de CIA in 1953 gelukt, toen ze de democratische Mossadeq via een staatgreep aan de kant schoven en Reza Pahlavi, die tot dan toe een zeer beperkte macht had, oppermachtig maakte in Iran. Het werd een dictatoriale terreurstaat, met in de jaren ′1970 zo′n 100.000 politieke gevangenen. Er zijn lieden uit de hoek van het voormalige dictatoriale Shah regime die dit trucje weer willen herhalen, thans met de gelijknamige zoon van de oude Shah. Iraniërs die zich publiekelijk tegen die gedachte hebben gekeerd worden met de dood bedreigd. Dat zegt al genoeg wat de intenties zijn van de "jonge" Reza Pahlavi en diens aanhangers. Zij worden dan ook gesteund door de VS en Israël, het Zionistische kamp dus. Een recept voor chaos, dood en verderf. Niet doen dus. Tot tweemaal toe heeft het Westen democratische ontwikkelingen in Iran in de kiem gesmoord, vlak na WO I en in 1953. De Iraanse bevolking is dus niet geheel vreemd met democratie en er zal een derde kans komen. Democratische ontwikkelingen moeten vanuit Iran zelf ontstaan, niet vanuit het Westen. Een heel kwalijke rol wordt daarbij in Nederland gespeeld door de oud-minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal (VVD), die de terugkeer van de Shah zit te promoten. Hij is een fervent aanhanger van het Zionisme, die de terreurdaden van Israël steeds maar goed zit te praten en de genocide op de Palestijnen, waaraan geen zinnig mens meer twijfelt, zit af te zwakken of zelfs te ontkennen. De VVD zou zo′n idioot met pek en veren uit de partij moeten gooien....
Hoe is het toch mogelijk dat er nog steeds mensen zijn die nog enige sympathie hebben voor Israël. Als er nog Christenen zijn die Israël steunen, dan hebben zij weinig begrepen van het Christendom en het Jodendom. Het moderne Israël heeft maar weinig met het religieuze Jodendom te maken of het Bijbelse Israël en is daar zelfs mee in strijd. Er bestaan maar weinig landen die zo wreed en moordzuchtig zijn als deze racistische Apartheidsstaat van Europese kolonisten (zgn. Zionisten). Ze hebben nu weer een nieuwe racistische wet bedacht, zodat ze de Palestijnen volgens hun corrupte wetgeving kunnen vermoorden. Men moet zich daarbij bedenken dat er ook vele duizenden Palestijnen in Israëlische gevangenissen zitten zonder dat daar een rechtmatige reden voor is. Ze zijn gewoon willekeurig opgepakt omdat de Israëli′s dat nu eenmaal kunnen. Er is niemand die ze daartoe belemmerd. Palestijnen zijn in Israël volstrekt rechteloos. Verkrachtingen en martelingen zijn aan de orde van de dag en bekentenissen in die omstandigheden hebben dan ook geen enkele rechtsgeldigheid, maar het kan onschuldige Palestijnen straks wel de kop kosten. Israël heeft haar pijlen nu ook gericht op Libanon waar, net als bij Gaza, onschuldige burgers uit hun dorpen en huizen worden verdreven of vermoord. Dit alles in het kader van de vorming van een ″groot Israël″, een idiote gedachte van godsdienstwaanzinnigen die momenteel het beleid in Israël bepalen. Genocide, massamoorden, martelingen, verkrachtingen, diefstal van land en bezit, uithongering, sadisme, Israël brengt dit alles op grote schaal in praktijk en de internationale gemeenschap doet niets. Waarom economische sancties voor Rusland en Iran en niet voor Israël ? Israël is minstens zo misdadig, niet een paar jaar maar al vanaf haar ontstaan in 1948. Israël is een totaal mislukt project dat nooit in deze vorm had mogen bestaan. Wat en wie heeft de Zionisten, kolonisten uit Europa, het recht gegeven om het land en de huizen te stelen van de Palestijnse bevolking ?, de rechtmatige bewoners van Palestina. Het Zionisme is de grootste oorzaak van het huidige antisemitisme. Antisemitisme moet ten alle tijde worden bestreden en daarmee dus ook het Zionisme. Feitelijk is de vorming van de staat Israël met al haar misdaden een trap na voor alle slachtoffers van de Shoah. Immers, de staat Israël doet precies hetzelfde als het Naziregime, alleen zijn nu de Palestijnen het slachtoffer. De joodse slachtsoffers van de Shoah draaien zich om in hun graf ! Ze worden opnieuw vernederd, thans door de Zionisten. Bovendien is Israël een voortdurende bedreiging voor het hele Midden-Oosten. Deze satellietstaat van Europa en de VS hoort daar niet en is een kwaadaardig gezwel voor de regio. Pas als Israël wordt gedekoloniseerd en ontmanteld kan er een langdurige vrede zijn in die regio, eerder niet. Een twee-staten-oplossing is een volstrekte utopie omdat van een gelijkwaardige en rechtvaardige verdeling van land en goed nooit sprake is geweest en zal zijn. Israël had om die reden nooit als staat erkent mogen worden. Het is moordzuchtig, racistisch en het bevorderd het antisemitisme. Dat was een grote vergissing. Palestina kan het tehuis zijn voor de oorspronkelijke bewoners van deze regio, zoals Palestijnen, Christenen en Arabische Joden. Die hebben daar zo′n 2000 jaar in vrede samen geleefd, totdat Europese kolonisten, met name Ashkenazi Joden uit Oost-Europa, die hegemonie totaal verstoorden en in 1948 een racistische Apartheidsstaat stichtten en dood en verderf zaaiden in de wijde regio......
https://www.youtube.com/watch?v=211f_Z5KYy8
Het is een taak van een ieder, ongeacht beroep, status of maatschappelijke positie, zich uit te spreken tegen de moordenaars en onderdrukkers van deze wereld, Of het nu om Trump, Putin, Netanyahu of Xi Jinping gaat. Zodra we zwijgen geven we hen vrijbaan en zijn we uiteindelijk allemaal slachtoffer. Wat is een mens zonder menselijkheid, rechtvaardigheid en mededogen ? Wees geen lafaard maar spreek u uit tegen onrecht!
Veel Nederlanders hebben zich in 1940-1945 niet of te weinig verzet tegen de genocide op de Joden. Thans gebeurt dit met de Palestijnen en Libanezen. Maak niet dezelfde fout; BLIJF NIET STILZITTEN EN KOM IN ACTIE TEGEN DIT GROTE ONRECHT:
STEUN : https://rightsforum.org
Zoeken op productnaam
Maandaanbieding
Nieuwe aanwinsten
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - OVERIJSSEL - Florijn van 28 stuivers 1689, Kampen
gewicht 15,79gr. ; zilver Ø 39mm. muntmeesterteken: rozet muntmeester: Dirk van Romondt sr.
vz. Gekroonde rijksadelaar, waarde aanduiding 28 binnen een cirkel op de borst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; DA PAC DOMIN DIEBVS NOSTRIS ✿ kz. Gekroond provicniewapen van Overijssel, sierornementen links, rechts en onder, het jaartal I - 6 - 8 - 9 tussen de fleurons van de kroon, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO˙NO˙ARGEN˙ORD˙TRANS−IS
De Bruijn registreerde van dit jaartal slechts 14 exemplaren, tegenover bv.117 exemplaren uit 1685. Zeer zeldzaam.
De Bruijn recorded only 14 specimens from this year, compared to, for example, 117 specimens for the year 1685. Very rare.
Deze zilveren florijn is voorzien van een klop ″HOL″,aangebracht door de Staten van Holland te Den Haag op 20 mei 1693 en de 6 weken daarop volgend teneinde de toekomstige minderwaardige florijnen van 28 stuivers uit de omloop te weren. Het initiatief voor deze actie lag bij Holland, dat zich al tijden mateloos irriteerde aan deze minderwaardige geldstukken die volop in het betalingsverkeer aanwezig waren. De bedoeling was dat alleen ingestempelde florijnen nog geldigheid hadden in het betalingsverkeer. Nieuwe, ongestempelde florijnen zouden op die wijze dus uitgebannen worden in het betalingsverkeer. Enerzijds was deze maatregel zeer succesvol; de aanmunting van florijnen kwam in 1693 definitief tot stilstand. Anderzijds bleven florijnen, ook de ongeklopte. nog tot de geldsanering van 1842-1849 aanwezig in het betalingsverkeer. Uitbanning uit het betalingsverkeer was met deze maatregel dus volledig mislukt. De kloppen ″pijlenbundel″ en HOL komen verreweg het vaakst voor.
Met een officieel voorgeschreven gewicht van 19,87 gram is deze munt duidelijk te licht. Door circulatie en daardoor slijtage treed er altijd gewichtsverlies op maar niet ruim 4 gram, zoals in dit geval. Dit gewichtsverlies is duidelijk veroorzaakt door het snoeien van de munt, zoals ook visueel is waar te nemen. Als men bij vele munten steeds wat van de rand snoeide kon men toch aanzienlijk bij verdienen, soms wel honderden guldens. Natuurlijk was het wel zaak de munten in betaling te geven aan personen die het gewicht niet meteen konden controleren, anders zou men immers tegen de lamp lopen. Degene die met te lichte munten betaalde moest in principe het gewichtsverschil alsnog bijbetalen, maar dat gold alleen voor munten met geringe gewichtsafwijking. Was het verschil te groot, dan werden de stukken onmiddellijk uit omloop gehaald. Werd men betrapt op het snoeien van munten dan waren de straffen niet gering. Met verminking (o.a. brandmerking) kwam men er nog heel goed vanaf. Het verbranden of koken in een ketel met water, olie of lood en andere gruwelijke doodstraffen waren de gebruikelijke eindstations voor serieuze overtreders.
Delmonte 1105 ; Verkade 142.1 ; de Bruijn 54 ; HNPM.58 ; CNM.2.38.84 RR Gebruikelijke zwaktes van de slag. zfr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - OVERIJSSEL - Zilveren rijder 1742, Kampen
gewicht 32,46gr. ; zilver Ø 44mm. muntmeester: Coenraad Hendrik Cramer muntmeesterteken: kraanvogel staande naar links
vz. Geharnaste en gehelmde Nederlandse ridder te paard naar rechts, met een sjerp om en in zijn rechterhand een geheven zwaard terwijl hij met zijn linkerhand de teugels vast houdt, daaronder het provincie- wapen van Overijssel, omringd door de tekst: MO:NO:ARG:CONFOE:BELG:PRO:TRANSISALANIÆ. kraanvogel kz. Gekroond Generaliteitswapen gehouden door twee frontaal aanziende gekroonde leeuwen, daaronder 1754 binnen een cartouche van bladornamenten, omringd door de tekst; CONCORDIA - RES PARVÆ - CRESCUNT ✿
Afkomstig uit V.O.C. schip ′Hollandia′. Dit zgn. spiegelretourschipschip werd in 1742 gebouwd voor de Kamer van Amsterdam. Op 3 juli 1743 van Texel vertrokken voor de eerste reis naar Batavia, met 276 zeelieden en soldaten en een onbekend aantal passagiers aan boord, waaronder de broer en familie van de net aangestelde gouverneur-generaal Van Imhoff. De geldschat aan boord wordt geschat op 129.700 gulden. De route ging via het Kanaal maar i.p.v. daarna zuidwestelijk aan te houden, de Atlantische Oceaan opvarend, schijnt zij WNW te hebben gekoerst. Misschien hebben mist en slecht zicht de kapitein er toe gebracht bij Land′s End de kust te volgen, waardoor hij noordelijk van de Scilly Eilanden uitkwam i.p.v. ten zuiden daarvan. Daarna wending naar het zuiden maar te vroeg zodat het schip in een rechte lijn lag met een van de verradelijkste scheepsvallen, de half onder water liggende Gunner Rock in Broad Sound bij St. Agnes Eiland. In de nacht van 13 juli stootte het schip tegen de rots die haar bodem indrukte. Hulp kon door de eilandbewoners niet geboden worden, na een salvo kanonvuur, want het was te ver in zee en dus te gevaarlijk. Het schip zonk vrij snel en er waren geen overlevenden. Er is destijds niets geborgen. In september 1971 is het wrak ontdekt door Rex Cowan: de houtconstructie was verloren gegaan maar de voornaamste delen van de inhoud van het schip lagen nog op de zeebodem. De geborgen lading bevatte o.a. zo′n 35.000 zilveren munten w.o. deze zilveren rijder.
Coming from VOC ship ′Hollandia′. This so-called mirror return ship was built in 1742 for the Chamber of Amsterdam. Departed from Texel on 3 July 1743 for the maiden voyage to Batavia, with 276 seamen and soldiers and an unknown number of passengers on board, including the brother and family of the newly appointed Governor-General Van Imhoff. The treasure on board is estimated at 129,700 guilders. The route went through the Channel but instead of continuing south-westwards, sailing up the Atlantic Ocean, she appears to have headed WNW. Perhaps fog and poor visibility caused the captain to follow the coast at Land′s End, leaving him north of the Isles of Scilly rather than south. Then turn south but too early so that the ship was in a straight line with one of the most treacherous ship traps, the semi-submerged Gunner Rock in Broad Sound off St. Agnes Island. On the night of July 13, the ship collided with the rock that depressed her bottom. Help could not be offered by the islanders after a volley of cannon fire, because it was too far out to sea and therefore too dangerous. The ship sank quite quickly and there were no survivors. At the time, nothing was recovered. The wreck was discovered by Rex Cowan in September 1971: the wooden structure had been lost but the main parts of the ship′s contents were still on the seabed. The salvaged cargo contained, among other things, about 35,000 silver coins, including this silver rider.
Delmonte 1036 ; Verkade 136.1 ; HNPM.49 ; CNM.2.38.79 ; Davenport 1829 Kleine contactspoortjes, doch gelijkmatig geslagen exemplaar met goede details en een mooi patina. zfr/pr à pr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - FRIESLAND - Nederlandse rijksdaalder 1611, Leeuwarden
gewicht 28,69gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester: Willem van Vierssen muntteken: klimmend leeuwtje naar links
vz. Bostbeeld van geharnaste en gelauwerde Nederlandse ridder naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand terwijl hij in zijn linkerhand her Friese wapenschild houdt aan de gelust koord, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO•ARG•PRO• - CONFOE•BELG•FRI• - klimmend leeuwtje naar links• kz. Gekroond Generalitietswapen geflankeerd door I6 - II, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; ✠CONCORDIA•RES•PARVְÆ•CRESCVNT
Met de invoering van de generaliteitsmunten in 1606 had men tevens besloten tot het slaan van een nieuw munttype, de Nederlandse rijksdaalder. Aanvankelijk werd deze munt uitgegeven op een koers van 47 stuivers, maar dat liep spoedig op naar 50 stuivers en vanaf 1659 was de koers 52 stuivers. De beeldenaar op de voorzijde, een geharnaste edelman met geschouderd zwaard, is duidelijk ontleend aan een voorloper van dit munttype, de Leicesterrijksdaalder. Op de keerzijde zien we het gekroonde generaliteitswapen van de Republiek. Deze munt werd ook veel gebruikt voor de handel op de Oostzee-landen. Die rol werd echter overgenomen door de zilveren dukaat, toen deze in 1659 werd ingevoerd. De productie van Nederlandse rijksdaalders nam vanaf dat moment drastisch af. Het laatste exemplaar werd in 1700, te Utrecht, geslagen.
Delmonte 947 ; Verkade 122.3 ; HNPM.40 ; CNM.2.16.61 ; Jasek 52, A3 ; Davenport 4829 R Kleine zwaktes van de slag. Zeldzaam. zfr-/zfr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - PROVINCIE UTRECHT - Leeuwendaalder 1633, Utrecht
gewicht 26,75gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester: Jan van Vianen van Jaersvelt muntteken: stadsschildje Utrecht (voor MO)
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland, met gekroonde leeuw, binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; stadsschildje MO•ARG•PRO•CO – FOE•BELG•TRA kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, daarboven 1633, omringd door de tekst; •CONFIDENSxDNOxNONxMOVETVRx
In de jaren 1628-1634 werden in totaal slechts 56.951 stuks leeuwendaalders voor Utrecht aangemunt, met inbegrip van de halve leeuwenleeuwendaalders. In deze jaren was de productie dus zeer beperkt, waarbij het overgrote deel zal zijn aangemunt in het jaar 1629, aangezien dat het enige jaar is uit die periode dat met zekere regelmaat voorkomt in de handel en collecties. Het jaaral 1633 komt maar hoogst sporadisch voor en dan met met muntteken stadsschildje na TRAI. Bij dit exemplaar is het gepositioneerd voor MO. Uiterst zeldzaam.
In the years 1628–1634, a total of only 56,951 lion thalers for Utrecht were minted, including the half lion thalers. Production was therefore very limited during these years, with the vast majority likely having been minted in 1629, as that is the only year from that period that appears with any regularity in trade and collections. The year 1633 occurs only very sporadically, and then with a mint mark consisting of a small city shield after TRAI. On this example, it is positioned before MO. Extremely rare.
Delmonte 843 (R3) ; Verkade 107.4 ; HNPM.37 ; CNM.2.43.64 ; Davenport 4863 RRR zwaktes van de slag fr/zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - Gehelmde rijksdaalder of prinsendaalder 1598, Hoorn
gewicht 28,34gr. ; zilver Ø 42mm. muntmeester: Caspar Wijntgens muntteken: roos variant: zonder interpuncties op voor- en keerzijde
vz. Geharnaste buste van Willem van Oranje naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand, binnen een gekartelde cirkel, omringd door de tekst: DEVS FORTITVDO ET SPES NOSTR - A+1598+ kz. Het West-Friese wapen gedekt door toernooihelm met helmteken en lambrekijns binnen een gekartelde cirkel, omringd door de tekst; MONE NO ARG DO - MI WESTFRISIÆ✿
De Latijnse tekst Deus fortitudo et spes nostra betekent: ′God is onze sterkte en hoop′
The Latin text Deus fortitudo et spes nostra means: ′God is our strength and hope′.
Munt met het portret Willem I, Prins van Oranje (24 april 1533 - 10 juli 1584), ook wel bekend als Willem de Zwijger, of beter bekend als Willem van Oranje, was de belangrijkste leider van de Nederlandse opstand tegen de Spaanse Habsburgers die de Tachtigjarige Oorlog ontketende en resulteerde in de formele onafhankelijkheid van de Verenigde Provinciën in 1581. Hij werd geboren in het Huis Nassau als graaf van Nassau-Dillenburg. Hij werd Prins van Oranje in 1544 en is daarmee de stichter van de tak van het Huis Oranje-Nassau en de voorvader van de monarchie van de Nederlanden. Willem, een rijke edelman, diende de Habsburgers aanvankelijk als lid van het hof van Margaretha van Parma, landvoogde van de Spaanse Nederlanden. Ongelukkig met de centralisatie van de politieke macht, weg van de lokale standen en met de Spaanse vervolging van Nederlandse protestanten, sloot Willem zich aan bij de Nederlandse opstand en keerde zich tegen zijn voormalige meesters. Als de meest invloedrijke en politiek capabele van de rebellen leidde hij de Nederlanders naar verschillende successen in de strijd tegen de Spanjaarden. Hij werd in 1580 door de Spaanse koning vogelvrij verklaard en in 1584 in Delft vermoord door Balthasar Gérard (ook geschreven als ″Gerardts″).
Coin with the portrait William I, Prince of Orange (24 April 1533 – 10 July 1584), also widely known as William the Silent or William the Taciturn or more commonly known as William of Orange, was the main leader of the Dutch revolt against the Spanish Habsburgs that set off the Eighty Years′ War and resulted in the formal independence of the United Provinces in 1581. He was born in the House of Nassau as Count of Nassau-Dillenburg. He became Prince of Orange in 1544 and is thereby the founder of the branch House of Orange-Nassau and the ancestor of the monarchy of the Netherlands. A wealthy nobleman, William originally served the Habsburgs as a member of the court of Margaret of Parma, governor of the Spanish Netherlands. Unhappy with the centralisation of political power away from the local estates and with the Spanish persecution of Dutch Protestants, William joined the Dutch uprising and turned against his former masters. The most influential and politically capable of the rebels, he led the Dutch to several successes in the fight against the Spanish. Declared an outlaw by the Spanish king in 1580, he was assassinated by Balthasar Gérard (also written as ″Gerardts″) in Delft in 1584.
Delmonte 924 ; Verkade 63.3 ; HNPM.24 ; Pannekeet 20 ; CNM.2.46.28 ; Davenport 8865 Zwaktes van de slag, doch met een attractief patina. zfr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - WEST-FRIESLAND - ½ Leeuwendaalder 1647, muntplaats ? - CONTEMPORAINE IMITATIE
gewicht 16,51gr. ; zilver Ø 33mm. muntteken: rozet / bloem
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, sjerp royaal om zich heen geslagen waarvan hij het geluste uiteinde in zijn rechterhand houdt, het wapenschild van Holland binnen een geornamenteerde omlijsting voor zich geplaatst, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MO•ARG•PRO•CON – FOE•BELG•WEST kz. Klimmende Hollandse leeuw naar links binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; CONFIDENS•DNO•NON•MOVETVR•I647✿
De Nederlandse ½ leeuwendaalder had een officieel voorgeschreven gewicht van 13,84 gram. Dit stuk is dus aanmerkelijk te zwaar. Daarnaast wijkt het qua stijl sterk af van de West-Friese halve leeuwendaalder uit die tijd. We hebben daarom te maken met eigentijdse imitatie. Waarschijnlijk is het geslagen in Oost-Europa, maar Italië of ergens in de Levant is ook een mogelijkheid. Als zodanig hoogst interessant en uiterst zeldzaam.
The Dutch ½ leeuwendaalder had an officially prescribed weight of 13.84 grams. This piece is therefore considerably too heavy. Furthermore, it differs significantly in style from the West Frisian half leeuwendaalder of that period. We are therefore dealing with a contemporary imitation. It was probably minted in Eastern Europe, but Italy or somewhere in the Levant is also a possibility. As such, it is highly interesting and extremely rare.
vgl. Delmonte 873 ; vgl. Verkade 66.5 ; vgl. HNPM.18 ; vgl.CNM.2.46.25 ; vgl. Pannekeet 35 ; Gamberini - RRR attractief patina zfr/pr |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
HABSBURG EMPIRE - BURGAU - MARIA THERESIA, 1740-1780 - Taler 1780 S.F., Günzburg
weight 27,89gr. ; Ø 42mm.
obv. Veiled bust of Maria Theresia with pearl-diadem and décolletage right, S•F• below, surrounded by the legend; M•THERESIA•D•G• - R•IMP•HU•BO•REG• rev. Crowned imperial eagle with double crowned shield of the Habsburg Empire, surrounded by the legend; ARCHID•AVST•DUX• - BURG•CO•TYR•1780 X This coin was struck at Günzburg during the years 1781-1788.
The Maria Theresa Taler is a silver bullion coin and a type of Conventionstaler, first minted in 1741. The official weight is 28.0668 grams (0.99003 oz) and contains 23.386 grams (0.752 troy ounces) of fine silver. It has a silver content of .833 and a copper content of .166 of its total millesimal fineness. In 1751 this new standard Conventionstaler was effectively adopted across the German-speaking world when it was accepted formally in the Bavarian monetary convention. This new, post-1751 thaler has continued as a trade coin ever since. The last year of minting was in 1780, the year in which Maria Theresia died. As this cointype was very popular they continued the production, always been dated 1780. The Maria Theresia taler quickly became a standard trade coin and several nations began striking Maria Theresa talers. The following mints have struck Maria Theresia talers: Birmingham, Bombay, Brussels, London, Paris, Rome and Utrecht, in addition to the Habsburg mints in Günzburg, Hall, Karlsburg, Kremnica, Milan, Venice Prague, and Vienna. The Maria Theresa talers could also be found throughout the Arab world, especially in Saudi Arabia, Yemen, and Muscat and Oman, in Africa, especially in Somalia, Ethiopia, Kenya, and in India. Hafner did thourough study after the Maria Theresa talers, which he published in a book. Millions were produced of this coin type. Many of the issues are very common, especially the post 1950 issues, but among the older one are also rarities.
KM.22 ; Davenport 1150 ; Herinek 510 ; Hafner 27 Edge nick and some very minor scratches, otherwise very attractive specimen with fine details. xf-/xf |
|
|  |
 |
|
|  |
 |
 |
NERO CLAUDIUS DRUSUS, father of Claudius - AV Aureus, Lugdunum (41-42 AD)
weight 7,73gr. ; gold Ø 19mm.
obv. Laureate head of Nero Claudius Drusus left, surrounded by the legend; NERO CLAVDIVS DRVSVS GERMANICVS IMP rev. Two shields, two pairs of spears, two trumpets, all crossed; behind; vexillum with flag which is still or waving, surrounded by the legend; DE GERMANIS
This aureus is an example of Claudian propaganda, in which that emperor recognized members of his family and their achievements. The obverse, depicting his father, Nero Claudius Drusus, or Drusus the Elder. The reverse commemorates the military campaign of Drusus the Elder against the German tribes across the Rhine. For five years, from 14 BC until his death in 9 BC, Drusus constructed a series of fortress bridgeheads along the western bank of the Rhine (including Moguntiacum (modern Mainz), Bonna (modern Bonn), and Colonia Agrippinensis (modern Cologne). Defeating those Germanic tribes located on the opposite shore, who had been engaging in raids against the Roman province of Gaul and threatening commerce on the Rhine, Drusus pushed into German territory as far as the Elbe, but turned back, because it was said that an apparition of a Germanic woman warned him against going further and that he was soon to die. For his successes, Drusus the Elder was awarded the agnomen Germanicus, a title that was applied to his two sons following his death.
In the past Rome was regarded as the mint for this coin type. However, modern scholars regard Lugdunum as the most likely mint.
cf. CNG Auction 105, Lot 809 (in xf: $ 47.000 + 15%)
Cohen 5 ; RIC 73 ; BMC 104 ; cf, von Kaenel Type 13 ; Calicó 317 ; Biaggi 182 ; Sear 1893 RR attractive, well-centered specimen with good portrait vf |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP HOLLAND - PHILIPS II, 1555-1581 - ½ Philipsdaalder z.j.(1562-67),Dordrecht
gewicht 16,74gr. ; zilver Ø 34mm. muntmeester: Gerrit Pietersz. Dou muntteken: roos
vz. Geharnaste buste van Philips II naar rechts, omringd door de tekst; •PHILIPPVS:D:G:HISP:REX:CO:HOL• ✿ kz. Gekroond wapenschild van Spanje-Oostenrijk-Bourgondië rustend op Bourgondisch stokkenkruis, geflankeerd door twee Bourgondische vuurstalen met afspattende vonken, eronder hangt het kleinood (ramsvacht) van de Orde van het Gulden vlies, omringd door de tekst; • - DOMINVS• - MIHI - ADIVTOR - •
Na de invoering van de Philipsdaalder in 1557 bleek al snel behoefte aan kleine nominaties. Die volgden in 1562 met de introductie van de ½, 1/5, 1/10 en 1/20 Philipsdaalder. De munt die hier aangeboden wordt betreft de eerste ½ Philipsdaalder voor Holland.
Delmonte 71 ; van Gelder & Hoc 211-11a ; Vanhoudt 268.DO van der Chijs XXXIX,51var. ; CNM.2.28.14 lichte zwaktes van de slag zfr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - GRAAFSCHAP BERGH - WILLEM IV VAN DEN BERGH, 1546-1586 - Daalder 1577, ’s-Heerenbergh
gewicht 26,71gr. ; zilver Ø 40,5mm. muntmeester Clemens van Eembrugge muntmeesterteken kelk
vz. Geharnast borstbeeld van graaf Willem IV naar rechts, de rechterhand in de zij en in de linkerhand een commandostaf, geflankeerd door 15 - 77, binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; GVIL′⋆CO′⋆D′⋆MON′⋆Z⋆DNS′⋆D′⋆BIL′⋆HE′⋆BOX′⋆HO′⋆ZWIS en kelk kz. Gekwartierd wapen van Bergh-Egmond-Meurs-Saarwerden-Culemborg gedekt door twee gekroonde helmen met cimiers en lambrekijns binnen een parelcirkel, omringd door de tekst; MONETA⋆NOVA⋆ARGEN⋆IN⋆DIEREN⋆CVS - A
Om juridische redenen vermeld deze munt Dieren als muntplaats. Feitelijk vond de muntslag echter plaats in ′s Heerenberg.
In een plakkaat van de Staten van Brabant van 28 april 1581 is een daalder van dit type afgebeeld. In het plakkaat worden diverse munten verboden verklaard waaronder die van Bergh, Hedel, Zaltbommel en Batenburg. Ook de Staten van Zeeland kondigden een plakkaat af tegen de Berghse daalders. In het plakkaat van 30 januari 1582 verboden zij de daalders omdat het gewicht slechts 15 ¼ engels (23,46 gram) bedroeg met een zilvergehalte van 7 penningen (583/1000). De intrinsieke waarde was daardoor slechts 22 stuivers, terwijl ze voor 30 stuivers werden uitgegeven.
Deze daalders werden vooral geslagen voor circulatie in het Duitse achterland. Qua beeldenaar sloot het aan op de aldaar circulerende daalders (Talers). De Duitse Talers moesten conform de voorschriften van het Duitse Rijk een gewicht hebben van 29,3 gram en een gehalte van 889/1000. Deze daalders van ′s-Heerenberg voldeden daar volstrekt niet aan. De gewichten bewegen zich meestal tussen 22,50 en 27 gram en het fijngehalte tussen 500/1000 en 600/1000.
Delmonte 594 ; Verkade 29.3 ; Serrure 54 ; HNPM.25 ; CNM.2.06.32 ; Pannekeet 12 ; Davenport 8595 R lichte zwaktes van de slag zfr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - PERIODE LEOPOLD I, 1657-1705 - GELDERLAND - STAD NIJMEGEN - Stedelijke driegulden 1686
gewicht 31,42gr. ; zilver Ø 40mm. muntmeester: Gerard van Harn muntmeesterteken: morenkop
vz. De Nederlandse maagd staande frontaal, speer met vrijheidshoed in de rechterhand, haar linker elleboog leunend op de bijbel welke geplaatst is op een rijkelijk versierd altaar, rechtsonder morenkop, omringd door de tekst; HAC NITIMVR - HANC TVEMVR kz. Gekroond stedelijk wapen van Nijmegen, daarboven tussen de fleurons van de kroon I - 6 - 8 - 6, geflankeerd door de waarde aanduiding I - G, omringd door de tekst; MO•NO•ARG•CIV•NOVIOMAG
In de jaren 1686-1690 zijn slechts 13.860 stuks drieguldenstukken aangemunt. Het jaartal 1686 is daarvan het meest voorkomend, gevolgd door 1690. De jaartallen 1687 en 1689 komen nauwelijks in collecties of de handel voor en zijn als uiterst zeldzaam aan te merken. Zeer zeldzaam.
Delmonte 1124 ; Verkade 22.1 ; Passon 76Aa ; de Voogt 97 ; Pannekeet NIJ.22 ; HNPM.9 ; CNM.2.36.26 RR Minieme zwaktes van de slag, doch voor type een mooi exemplaar met een attractief patina zfr |
|
|  |
 |
 |
CARACALLA, 198-217 - PAMPHYLIA - AE 23, Perga
weight 5,31gr. ; bronze Ø 18mm.
obv. Laureate head of Caracalla right, surrounded by the legend; ΑΥ Κ Μ ΑΥ - ΑΝΤΩΝΙΝΟϹ ϹΕΒ rev. Tyche standing left, holding rudder and cornucopia, surrounded by the legend; ΠΕΡΓ - ΑΙΩΝ
Perga (also known as Perge)was an ancient and important city of Pamphylia, between the rivers Catarrhactes and Cestrus. Its history goes back to before 1000 BC. A treaty between the Hittite Great King Tudhaliya IV and his vassal, the king of Tarhuntassa, defined the latter′s western border at the city "Parha" and the "Kastaraya River". The river is assumed to be the classical Cestrus. West of Parha were the "Lukka Lands". Parha likely spoke a late Luwian dialect like Lycian and that of the neo-Hittite kingdoms.
Perga returns to history as a Pamphylian Greek city, and with Pamphylia came under successive rule by Persians, Athenians, and Persians again. Alexander the Great, after quitting Phaselis, occupied Perga with a part of his army. The road between these two towns is described as long and difficult. Alexander′s rule was followed by the Diadochi empire of the Seleucids, then the Romans. Perge gained renown for the worship of Artemis, whose temple stood on a hill outside the town, and in whose honour annual festivals were celebrated. The coins of Perge represent both the goddess and her temple. In 46 AD, according to the Acts of the Apostles, St. Paul journeyed to Perga, from there continued on to Antiocheia in Pisidia, then returned to Perga where he preached the word of God (Acts 14:25). Then he left the city and went to Attaleia. As the Cestrus silted up over the late Roman era, Perga declined as a secular city. In the first half of the 4th century, during the reign of Constantine the Great (324-337), Perga became an important centre of Christianity, which soon became the official religion of the Roman Empire. The city retained its status as a Christian centre in the 5th and 6th centuries.
BMC - ; SNG.Copenhagen - ; SNG.von Aulock - ; Weber - ; Lindgren collection- ; SNG.Paris 436 ; RPC online 80717 RR Attractive dark patina. Very rare. vf
|
|
|  |
 |
 |
CARACALLA, 198-217 - AR Denarius, Rome (203)
weight 3,81gr. ; silver 19mm.
obv. Laureate and draped bust of Caracalla right, seen from rear, surrounded by the legend; ANTONINVS PIVS AVG rev. Virtus, helmeted, draped, standing left, holding Victory in extended right hand and spear in left hand, surrounded by the legend: VIRTVS AVGG
♦ wonderful portrait of the young Caracalla ♦
Cohen 665 ; RIC 149 ; BMC 211, 300 ; Sear 6903 xf-/vf+ |
|
|  |
 |
 |
CARACALLA, 198-217 - AR Denarius, Rome (213)
weight 3,03gr. ; silver Ø 19mm.
obv. Laureate head of Caracalla right, surrounded by the legend; ANTONINVS PIVS AVG GERM rev. Monetas standing left, holding scales in right hand and cornucopiae in left, surrounded by the legend; MONETA AVG
On this coin, Emperor Caracalla bears the title of ′Germanicus′ : In 213, Caracalla was consul for the fourth time. He left Rome for the northern border provinces. It is clear that, after visiting Gaul, Caracalla travelled along the Rhine and Danube frontier. For the next two years he would fight to keep these safe and even strengthen them against Germanic incursions. Again, as with Severus′ Caledonian campaign, very few details have survived. It seems that the emperor first fought the Alemanni tribe, although the term ′Alemanni′ may have been used anachronistically by later authors. If we are to believe Aurelius Victor, Caracalla won a great victory here (″Alamannos, gentem populosam ex equo mirifice pugnantem, prope Moenum amnem devicit″). Aurelius Victor mentions fighting near the river Moenus (Main), and Mogontiacum (Mainz, on this river) must have played an important role in the campaign, perhaps as headquarters. In the legionary camp of that city, in 213 AD, Quintus Iunius Decimus Quintianus. legatus pro praetore Germaniae superioris, made a dedication to Caracalla. Caracalla himself must have considered the campaign a success. He pressed the Senate into granting him the title of ′Germanicus Maximus′, which can be seen on his coins.
Cohen 167 ; RIC 308 ; BMC 445, 74 ; Sear 6821 attractive portrait vf/xf à vf+ |
|
|  |
 |
 |
CARACALLA as Caesar, 195-198 - AR Denarius, Rome (197)
weight 3,38gr. ; silver Ø 16mm.
obv. Draped bust of Caracalla, bare-headed, right, surrounded by the legend; M AVR ANTON CAES PONTIF rev. Caracalla, in military attire, standing left, holding baton in right hand and spear in left hand; to right, trophy, surrounded by the legend; PRINCIPI IVVENTVTIS
As princeps iuventutis, ″First of the youth″ or, less often, princeps iuventum were during the Roman imperial period the designated successors of the princeps designated. The expression appears for the first time in the late republic. So called Marcus Tullius Cicero the one he valued Cato the Younger so. As a real and exclusive title, however, it was only after the establishment of the Principle through Augustus introduced. This organized the knightly young teams (and partly the mature young members of the mobility) as iuventus and left his grandchildren and presumtive successor Caius and Lucius Caesar 5 or 2 BC BC too principes iuventutis explain. With the rank of princeps iuventutis hardly seem to have been associated with concrete powers, but among other things Germanicus, Tiberius Gemellus, Nero, Domitian and Commodus highlighted by this title.
In AD 195, Severus created himself a dynastic continuity by proclaiming himself son of Marcus Aurelius and his seven years old son Bassianus was renamed after his new «grandfather», Marcus Aurelius Antoninus. Probably soon after Antoninus/Caracalla was made Caesar. The proclamation of Caracalla/Antoninus as Caesar was as well an affront to Clodius Albinus who was Caesar and an important ally since Septimius Severus had become emperor. In AD 197, only after Clodius Albinus had been defeated, Caracalla was additionally entitled imperator destinatus, princeps iuuentutis, and he was co-opted into two of the priestly collegia. Probably already in the autumn of the same year, Caracalla/Antoninus was made Augustus, then aged only nine. This child-emperor was soon co-opted in the other priesthoods and received the title of pater patriae at the end of AD 199, then eleven years old. Again, the following events and especially the following honours with the Augustus-title later in the same year, made the princeps iuuentutis title only of secondary, minor importance and it was dropped.
Cohen 505 ; RIC 13a ; BMC 54, 208 ; Sear 6677 usual short and irregular flan vf- |
|
|  |
 |
 |
CARACALLA as Caesar, 195-198 - AR Denarius, Rome (198)
weight 2,18gr. ; silver Ø 16mm.
obv. Draped bust of Caracalla, bare-headed, right, surrounded by the legend; M AVR ANTON CAES PONTIF rev. Felicitas, draped, standing left, holding caduceus in right hand and child in left arm, surrounded by the legend; IMPERII FELICITAS
Cohen 95 ; RIC 9 ; BMC 52, 99 ; Sear 6674 Minieme zwakte van de slag. Attractief portret. vf |
|
|  |
 |
 |
CARACALLA, 198-217 - AE/SN Denarius, Rome (213) - LIMES FALSUM
weight 3,52gr. ; cast of bronze/tin Ø 17mm.
obv. Laureate head of Caracalla right, surrounded by the legend; ANTONINVS PIVS AVG BRIT rev. Caracalla, in military attire, standing right, holding transverse spear in both hands; behind, two standards, surrounded by the legend: PROFECTIO AVG
This is a so-called Limes denarius:
These are thought to be coins minted either officially or pseudo-officially on the fringes of the empire out of necessity. Perhaps they were used to pay soldiers on the extreme frontiers of the Roman territories or maybe to bolster the economy of regions far from the normal means of monetary distribution. Whatever the reason, many of these coins exist.
The often gray appearance of the coins is striking. This is probably caused by a high tin content in the bronze used. Often, these coins were not minted but cast. Casting molds have been found at numerous excavation sites. For this reason, too, there would have been a preference for tin, which, after all, has a much lower melting point than copper. Another reason may have been that when these coins were minted/cast they had a silvery appearance. After all, tin basically has a clear color, which only darkens over time. These low value issues could have served troops on the front and been redeemable for good coinage when they returned to the stable regions.
There is another interesting version about the appearance of limes (defective) denarii: it is believed that such coins appeared for security reasons. When the inhabitants of the Roman Empire (for example, soldiers or merchants) went outside the Empire, overcoming the Limes (fortified border), the threat of being robbed increased sharply. Therefore, travelers took with them all-bronze or silver imitations of denarii, used them in border areas. Returning to the quiet lands, they exchanged them for a full-fledged silver coin. Thus, limes denarii, according to this version, already then played the role of a kind of credit money. That is, we are talking about coins that had a face value much higher than the actual.
cf. Cohen 508 ; cf. RIC 225 ; cf. BMC 373, 97 ; cf. Sear 6876 S Dark toning. Interesting and scarce. vf |
|
|  |
 |
 |
CARACALLA, 198-217 - AR Denarius, Rome (205)
weight 3,35gr. ; silver Ø 19mm.
obv. Laureate and draped bust of Caracalla right, surrounded by the legend; ANTONINVS PIVS AVG rev. Mars, helmeted, naked except for cloak on left shoulder, tanding left, right foot set on helmet, holding branch in right hand and spear in left hand, surrounded by the legend; PONTIF TR P VIII COS II
Cohen 420 ; RIC 80b ; BMC 251, 481 ; Sear 6858 some very minor scratches, otherwise attractive specimen vf+ |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - OVERIJSSEL - STAD KAMPEN - PERIODE LEOPOLD I, 1657-1705 - Daalder van 30 stuiver 1692
gewicht 13,99gr. ; zilver Ø 35mm. muntmeester: Jacob Ridder muntmeesterteken: ruiter naar links
vz. Ridder staande naar links, hoofd naar rechts gewend, met een geheven zwaard in zijn rechterhand, voor hem het gekroonde stedelijk wapen, omringd door de tekst; AVXILIANTE• - •DEO•1692 ruiter kz. Gekroond stedelijk wapen gehouden door twee leeuwen, daaronder 30 • ST, omringd door de tekst; MO•NO•AR•CI - •CAMPEN•
Van dit jaartal werden slechts 32.209 stuks aangemunt. Zeldzaam.
Delmonte 1094 ; Verkade 163.4 ; HNPM.42 ; CNM.2.30.57 R Kleine gietgal en lichte zwaktes van de slag, doch voor dit munttype een net exemplaar. zfr-/zfr |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Zilveren dukaat 1780, Middelburg
gewicht 28,06gr. ; zilver Ø 41mm. muntmeester Martinus Holtzhey jr. muntteken burcht muntmeesterteken; twee sterren
vz. Geharnaste en gehelmde ridder staande naar rechts, geschouderd zwaard in zijn rechterhand, in zijn linkerhand houdt hij het gekroonde provinciewapen, dat voor hem is geplaatst, aan een dubbel gelust koord, omringd door de tekst; ♖MON:NOV:ARG:PRO:CONFOED:BELG:COM:ZEL• kz. Gekroond Generaliteitswapen geflankeerd door het jaartal 17 - 80, daarboven ✶ ✶, omringd door de tekst: CONCORDIA•RES•PARVÆ•CRESCUNT•
Gebruikelijke zwakke slag, doch ook nog veel originele stempelglans. Feitelijk heeft deze munt maar weinig gecirculeerd.
Usual weak strike, but also retaining much of the original die luster. In fact, this coin has circulated only very little.
Delmonte 976 ; Verkade 87.1 ; HNPM.50 ; CNM.2.49.50 ; Beuth 1780 (JMP.1955, pag.69) ; Davenport 1848 zfr/pr à pr- |
|
|  |
 |
 |
NOORDELIJKE NEDERLANDEN (NETHERLANDS) - REPUBLIEK, 1581-1795 - ZEELAND - Leeuwendaalder 1589, Middelburg
gewicht 27,11gr. ; zilver Ø 40mm. muntteken burcht ♖ muntmeester Jacob Boreel stempelsnijder Gerard van Bylaer
Het betreft hier de eerste leeuwendaalder van de provincie Zeeland, geslagen op Hollandse muntvoet. Zeer zeldzaam.
Omdat de muntproductie conform het Leicester-plakkaat van 1586 weinig lucratief was voor de muntbedrijven, werd nogal eens afgeweken van deze wettelijk voorschriften. Deze onvrede onder de provinciale munthuizen leidde ertoe dat de Staten-Generaal en het gewest Holland enkele besluiten nam in weerwil van het Leicester-plakkaat, om zo tegemoet te komen aan deze onvrede. Zo stemden de Staten-Generaal bij besluit van 18 februari 1589 erin toe dat door alle provinciale munthuizen de populaire Hollandse leeuwendaalder mocht worden aangemunt conform de voorschriften van 1576. Hierdoor werd een meer lucratieve wijze van muntproductie mogelijk gemaakt. De uitgiftekoers werd thans vastgesteld op 36 stuiver, met een zuiver zilverinhoud van 0,58 gram per stuiver. Van dit besluit werd dankbaar gebruik gemaakt door de provinciale munthuizen van Gelderland, Utrecht, Zeeland, Friesland, Overijssel en West-Friesland. Dus ook muntmeester Boreel aan de munt van Middelburg sloeg naar het voorbeeld van Holland daalders van 36 stuivers, conform de instructie die hem hiertoe was verstrekt op last van de Staten- Generaal door de Generaalmeesters.
Voor de voorzijdetekst koos men voor MO•NO•ORD•ZEL•AD•VA•ORD•HOL hetgeen voluit luidt: Moneta Nova Ordinum Zelandiae Ad Valoris Hollandiae (vertaald: Nieuwe Munt van de Staten van Zeeland naar waarde van de Hollandse). Toch bleek Zeeland niet gelukkig met deze aanmunting en het uiterlijk van de munt, want de aanmunting van 1589 kreeg in deze hoedanigheid geen navolging. Pas in 1597 werd de aanmunting van leeuwendaalders hervat, maar nu in de vorm van een eigen Zeeuws type met de zwemmende Zeeuwse leeuw op de keerzijde en geen enkele verwijzing naar Holland.
Delmonte 837 ; Verkade - ; HNPM.26 ; CNM.2.49.37 ; Davenport 8869 RR Lichte zwaktes van de slag. zfr |
|
|  |
|
|